Too Many Zooz

Ze geeft de witte roos gezelschap die ‘s ochtends door een staflid is geplaatst in de borstwering van North Pool. De toerist naast haar neemt afstand, zich realiserend met een nabestaande van doen te hebben: “I’m sorry.” Vera knikt en frunnikt aan de bloemtak. Slechts het geruis van vallend water dringt tot haar door, de herdenkingsplek ontbeert claxons, geuren en haastige voetstappen; geïsoleerd van de omgeving biedt zij verdriet ruimte. De bloemen markeren de mensen met wie hij zijn sterfdag deelt. “I’m not ...”, hij haperde en vervolgde wanhopig: “I can’t get out of here dear ...” Op de achtergrond klinkt aanzwellend geruis. “I love you!” snikte ze, terwijl ze vanuit haar kamer aan de overzijde van East River de tweede wolken­krabber zag instorten.

“We gaan na zonsondergang, dat is mooier! Eten we eerst iets in de buurt en dan naar boven.” Vera vond het best. “Tot straks!” “Zie je de vliegtuigen stijgen en dalen?” Hij wees naar links. “Dat is JFK.” Ze zag witte lichtjes komen en gaan. “En rechts, dat is Newark Airport.” De stad lag aan haar voeten, hij stond naast haar te wijzen en te vertellen. Vera liet het beeld op zich inwerken. ‘Daar sta ik dan’, dacht ze. ‘Na Breakfast at Tiffany’s nu Sleepless in Seattle’. Ze ontkwam niet aan de meest gestelde vraag op het observatiedek en vroeg hetzelfde als wederdienst. Die foto hing thuis als middelpunt van een groepje lijstjes met herinneringen uit die tijd.

‘Een bijzondere stilte vult plekken waar ooit menselijke stemmen klonken,’ uit de video over het voormalige immigratiecentrum op Ellis Island, ervaart ze op Ground Zero. Hij blijft 24 jaar oud voor iedereen die hem gekend had, zoals de emigranten in de herinnering van de achterblijvers in de oude wereld. Zijn nagedachtenis sleet tot een dierbare herinnering. Overwelmd door melancholie slentert ze door Lower Manhattan. Ondergronds gerommel ontsnapt aan de ventilatieroosters en lokt haar de metro in. “This is a Brooklyn bound Two train!” klinkt uit de krakende omroepinstallatie in het verlepte treinstel ten overvloede. Ze stapt uit op Hoyt Street Station, koopt een flesje water bij een mobiele snackbar en loopt richting Dumbo waar ze heeft afgesproken bij Juliana’s, in de schaduw van de brug. 

“Hey dear, how are you?” “I’m fine, thank you, given the circumstances.” Lilla heeft die toevoeging niet nodig. “So sorry Vera, can’t imagine what you’re going through.” Ze pakt Vera's hand en knijpt er zachtjes in. Lilla vangt haar vriendin buiten op, binnen op het door haar gereserveerde tafeltje houdt een kekke wijnkoeler een fles rosé op temperatuur. De gerant schenkt beiden een glas in, ze proosten zonder woorden. Vera lengt de wijn aan met een traan. ‘Het voelt als bedrog, als je man je verlaat, op welke manier dan ook’, denkt ze. “Vanavond gaan we iets leuks doen!” Lilla schakelde over naar haar programma voor de rest van de dag. “We varen zo naar de Brooklyn Bowl, daar treedt Too Many Zooz op. Dat wil je niet missen, ik heb tickets en zij schenken daar lekkere biertjes.” Vera had nog nooit over de rivier gevaren, kende de Bowl alleen van een avondje kegelen met collega’s en besloot zich te laten verrassen. “Is dat muziek, die ‘Too Many Zooz’?” vroeg ze. “Yep! En feest! Ken je ze niet? Dan ga je wat meemaken!” lachte Lilla.