Thema's

Lekke band

“Waarom stop je?" “Band lek.” Ze keek beteuterd naar het voorwiel van de tandem. “Oké. Kan ik hier gevaarloos afstappen?” “Ja, ik houd de fiets vast. Zodra je afgestapt graag naar de andere kant, dan sta je veiliger.” Bart voelde dat hij in de berm was beland. “Er zitten bandenplakspullen in de fietstas, vertelde de verhuurder, even zoeken hoor!” Ze wroette in de tas en trof een mooi doosje aan, waar, zo leek het van buitenaf, alles inzat dat het oponthoud kon beperken. “Het goede nieuws: het is de voorband.” “Het slechte nieuws: het is een tandem!” vulde Bart aan. “Inderdaad.” Ze keek om zich heen. “Als we ongeveer 100 meter teruglopen, dan hebben we meer ruimte, zag ik net. Daar is een elektriciteitshuisje of zoiets.” Ze keerde de langwerpige fiets om en legde Bart's hand op zijn zadel. “Loop maar mee vriend.” Hij ontwaarde inmiddels donker en licht en  uit het feit dat de artsen minder terughoudendheid vertoonden t.a.v. zijn herstel putte hij hoop. “De zon is weg," zei hij. “Zie je dat of voel je dat?” “Beide.”

“We zijn er. Als jij de tandem even vasthoudt, schuif ik even wat zooi aan de kant.” Het transformatorhuisje bleek een mikpunt voor blikjes en flesjes, alsmede een afscherming voor kijkers vanaf de provinciale weg naar stiekeme vluggertjes. “Gadver!” “Haha, condooms zeker?” “Ja, en papieren zakdoekjes. O, en een tampon ook.” Ze had nog niet eens achter het gebouwtje gekeken. “Ik denk dat we fiets nu wel op zijn kop kunnen zetten.” Met enig kunst en vliegwerk stond binnen enkele minuten het gevaarte op stuur en zadels te wiebelen. “Jouw taak is dat ding niet om te laten vallen," verordonneerde ze. Als volleerd fietsenhersteller plakte ze de band en na een slokje water en een stuk ontbijtkoek vervolgden zij hun tocht. “Nu hoeft het alleen nog maar te gaan regenen!” Bart's bijdrage aan de conversatie kon niet op enig enthousiasme rekenen.

“Hoe ervaar je dit?”, vroeg ze. “Alles wat ik ziende heb gedaan en nu blind of nagenoeg blind doe, is een sensatie.” “Dat heb ik gemerkt,” gniffelde ze. “Ik doelde eigenlijk op een onverwachte situatie. Ik heb niet de indruk dat je in paniek raakt of zo.” “Nee, dit is ook niet echt iets gevaarlijks of zo. Als we een ongeluk zouden krijgen en ik zou niet meer weten waar je bent of je zou niet reageren op mijn roepen, dan panikeer ik gigantisch, denk ik." “Snap ik. Gelukkig ziet het er naar uit dat je weer redelijk goed gaat zien."