De onvrijheid van godsdienst

Als kerkgangers geweld gebruiken tegen journalisten is dat verfoeilijk, of deze hooligans van de Heer nieuwswaardig zijn is de vraag. In Nederland staat de vrijheid van godsdienst in artikel 6 van de grondwet. Het tweede lid van dit artikel maakt dat zijn in hun recht staan als zij bijeen willen komen in welke getale dan ook. Of dat verstandig is uit oogpunt van besmettingsgevaar is evident niet het geval. Het geldt immers ook voor de meutes die zich in de openbare ruimte begeven en daarbij onvoldoende afstand houden. Kortom: lid 2 van artikel 6 van de grondwet staat ter discussie, omdat dit artikel ten eigen faveure wordt uitgelegd zonder rekenschap te geven aan gevolgen voor anderen, de ongelovigen of hen die niet in de ware god geloven. Medemenselijkheid is alleen van toepassing op de eigen kliek en dat is mijns inziens het echte probleem bij alle religies of groepen binnen religies die anders­denkenden uitsluiten: hun waarheid is de waarheid. In een seculiere maatschappij zou religie geen bijzondere positie mogen innemen. Artikel 6 kan uit de grondwet worden geschrapt, we hebben aan een verkorte versie van artikel 1 voldoende: Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. Discriminatie op welke grond dan ook is niet toegestaan. Gebouwen van religieuze stromingen worden behandeld als een voetbalstadion, theater of kantoor. Probleem opgelost.